skrable orgel westerkerk_2752x216.jpg

Het orgel

Een nieuw orgel voor de Westerkerk

In oktober 2006 werd door de kerkenraden en het college van kerkrentmeesters van de Hervormde Gemeente Veenendaal het besluit genomen om een pijporgel aan te schaffen voor de Westerkerk ter vervanging van het Monarke-orgel. Vanwege te hoge kosten voor een nieuw instrument werd besloten om een gebruikt orgel te kopen. Aan de orgelcommissie werd de opdracht gegeven op zoek te gaan naar een geschikt tweedehands instrument.  Dat bleek, gezien het programma van eisen (waaronder een beperkt vloeroppervlak), nog niet zo makkelijk.

Voor een impressie van het bouwproces van het orgel, zie de website van de Westerkerk onder het kopje Kerkorgel; klik hier.

In contact met Skrabl-orgelbouw

Skrabl_logoVoor meer informatie over de orgelbouwer, zie eveneens de website van de Westerkerk onder het kopje Kerkorgel; klik hier. U kunt ook de website van Skrabl bezoeken.

Al binnen een jaar veranderde het plan. In de zomer van 2007 kwam de commissie in contact met de Sloveense firma Skrabl. Deze bood ons aan een nieuw pijporgel te bouwen voor een prijs die niet zoveel hoger lag dan het begrote bedrag voor een gebruikt orgel. Na een half jaar oriëntatie, een bezoek aan de orgelbouwwerkplaats in Rogaska Slatina, het bespelen van diverse orgels in Slovenië en uitgebreide besprekingen lag het concept voor het orgel klaar. Om het extra geld bij elkaar te brengen werden fondsen en mogelijke sponsoren aangeschreven. Dat resulteerde in een voorlopig extra geldbedrag waarmee het door het college van kerkrentmeesters verantwoord werd geacht om de bouwopdracht te verstrekken. Eind juni 2008 werd de opdracht gegeven. In een zeer korte tijd bleek de firma Skrabl het orgel te kunnen bouwen; al in oktober 2008 waren diverse registers klaar en begin januari 2009 stond het orgel in de werkplaats opgebouwd. Spoedig daarna werd het orgel naar Nederland overgebracht en in de kerk opgebouwd. Op 20 maart 2009 werd het instrument in gebruik genomen. Enkele maanden later was de financiering volledig rond.

Westerkerk01

De dispositie

Hoofdwerk: C – g’’’:

Nevenwerk: C – g’’’:

1

2

3

4

5

6

7

8

9

10

Bourdon

Prestant

Roerfluit

Viola di Gamba

Octaaf

Nasard

Octaaf

Mixtuur

Cornet

Trompet

16’

8’

8’

8’

4’

2 2/3’

2’

IV st.

III st.

8’

17

18

19

20

21

22

23

24

25

Gedekt

Quintadeen

Prestant

Flute Travers

Woudfluit

Sesquialter

Quint

Dulciaan

Tremulant

 

8’

8’

4’

4’

2’

II st.

1 1/3’

8’

 

 

Pedaal: C – f’:

 

Koppels:

11

12

13

14

15

16

Subbas

Prestant

Fluit

Koraalbas

Fagot

Trompet

16’  *

8’    *

8’    *

4’    *

16’

8’    *

26

27

28

I + P

II + P

II + I

 

De koppels zijn bedienbaar als trekregister en als voetkoppel

*           Transmissie van Hoofdwerk 1, 2, 3, 5, 10

Westerkerk_orgel02_250  Westerkerk_orgel03_250  Westerkerk_orgel04_250

Het concept van het orgel

Voor de keuze van de stemmen en de klank zijn recent gebouwde Skrabl-orgels in Slovenië en Oostenrijk bezocht. In nauwe samenwerking met Anton Skrabl werden de mensuren en de dispositie samengesteld. Vanwege de functie als begeleidingsinstrument voor een grote gemeente is gekozen voor wijde mensuren en de daarbij horende brede klank, zonder in te leveren op helderheid en doorzichtigheid. Om een maximaal aantal mogelijkheden te creëren, is gekozen voor 5 transmissies op het pedaal. Dat betekent dat de pijpen van deze registers zowel via het hoofdwerk als via het pedaal bespeeld kunnen worden. Zo kunnen de registers apart gebruikt worden op het hoofdwerk of het pedaal zonder dat daarvoor het pijpwerk dubbel moest worden gemaakt.

Westerkerk_orgel05_250  Westerkerk_orgel06_250  Westerkerk_orgel07_250

De orgelkas

Het ontwerp van de orgelkas is tot stand gekomen door eigen expertise binnen de orgelcommissie. Elementen vanuit de architectuur van de Westerkerk liggen mede ten grondslag aan dit ontwerp. De schuine lijnen in het gebouw en de hoeken van 45 graden zijn in de kas terug te vinden. Het ontwerp van het orgel is met opzet sober gehouden. Daarbij moest rekening gehouden worden met de beperkt beschikbare vloerruimte. De kas is uitgevoerd in de lichte houtsoort essen, zoals het liturgisch centrum reeds was; de blauwe vlakken aan de bovenkant van het orgel corresponderen met de kleur van het plafond van de kerk.

Westerkerk_orgel08_250  Westerkerk_orgel09_250  Westerkerk_orgel10_250

De opbouw van het instrument

Zowel de speel- als de registertractuur van het orgel zijn geheel mechanisch. Het hoofdwerk met daarop ook het enige (niet getransmitteerde) pedaalregister fagot is direct achter het front centraal in het midden opgesteld, de grootste pijpen in het midden de rest van de pijpen aflopend naar beide kanten (C- en Ciskant). Een groot deel van de pijpen van de bourdon is afgevoerd. Aan weerszijden van de hoofdwerklade is het nevenwerk op 2 laden opgesteld, zodat beide werken de gehele breedte van het orgel in beslag nemen. Omdat de diepte van het orgel beperkt is, bevindt de stemgang zich binnen het orgel achter de windladen. Met een hoogste toren van 6,2 m., een kastbreedte van 4,1 m. een diepte van 1,7 m. en een verzonken speeltafel herbergt het orgel 24 stemmen (waarvan 5 pedaalstemmen getransmiteerd uit het hoofdwerk). Om ruimte te sparen in de orgelkas is de windvoorziening aangebracht in een ruimte boven de hal, direct achter het orgel.

  

Westerkerk_orgel_windvoorziening01_250  Westerkerk_orgel_windvoorziening02_250
De windvoorziening buiten de kerkruimte

 

Westerkerk_orgel_stemgang01_250
De stemgang binnenin

 

Het Westerkerkorgel is het eerste instrument van Skrabl in een Nederlandse kerk

Westerkerk_orgel11_400

 

Copyright © 2010 --- Westerkerkmuziek Veenendaal
Fotomateriaal: Dick Bouwman fotografie en Frans Brinkhuis
Webdesign: Van Lavieren ICT